Picten

afbeelding van P Geertsma

De Picten is een algemene naam die wordt gebruikt voor verschillende stammen die in het Noorden van wat tegenwoordig Schotland is woonden in de periode van het grote Romeinse Rijk. De Picten krijgen hun naam van de Romeinen die hen Picti noemden wat zoiets betekend als ‘geverfde personen’. De Picten maakten vooral in oorlogstijd gebruik van verf op hun gezichten en lichamen. Dit gebruik kende wel meer Keltische stammen. De eerste beschrijving van de Picten is uit 297 na Christus dit terwijl de Picten vermoedelijk al geruime tijd daarvoor in Schotland aanwezig waren. Hoewel de Picten een behoorlijk verfijnde kunst hadden en sierlijk bewerkte stenen plaatsen door hun land is er nauwelijks wat bekend over hun mythologie en exacte levenswijze. Vermoedelijk waren de meeste Picten eerst gewoon jager en werden ze later boer. Ze hoeden schapen en deden aan akkerbouw om aan voldoende voedsel te komen. Door de komst van de Romeinen werden de Picten tot onderlinge samenwerking gedwongen om hierdoor effectief de strijd aan te binden met de getrainde Romeinse legers. De verschillende stammen die tot de Picten behoorden vochten dikwijls gezamelijk tegen de Romeinen. In grote veldslagen waren de Picten nauwelijks opgewassen tegen de bedreven Romeinse soldaten die zeer veel training en ervaring hadden in het uitvechten van veldslagen. De Picten besloten na enkele nederlagen zich te richten op snelle aanvallen en dan weer snelle terugtochten. Door vanuit de bossen bliksemaanvallen uit te voeren wisten de Picten de Romeinen te overmeesteren. Wanneer de Romeinen vervolgens hun slagorde innamen waren de Picten al weer vertrokken in de wouden. Deze methode bleek effectief te zijn tegen de Romeinen. De Romeinen hadden zwaar materiaal en waren niet wendbaar genoeg om snelle aanvallen af te slaan. Vooral in de flanken waren de Romeinse legers zwak wanneer zij zich verplaatsten. De Picten hadden nauwelijks bepantsering en hun wapens waren zeer uiteenlopend. Uiteindelijk wisten een deel van de Picten tot het einde van de Romeinse bezetting stand te houden.