Pandoeren

afbeelding van P Geertsma

Pandoeren waren van oudsher de lijfwachten van edellieden die in het Kroatië en Slavonië woonden in de 17e en 18e eeuw. Ze verdedigden hun heren tegen vijanden van buitenaf. Toen er verschillende samenwerkingsverbanden ontstonden tussen de Hongaren, de Kroaten en Serviërs moesten nieuwe grondgebieden worden verdedigd. Dit gebeurde ook door Pandoeren die onder andere tegen de Turken vochten. Franz Freiherr von der Trenck voerde onder keizerin Maria Theresia ook de Pandoeren in. Deze eenheden werden zeer gevreesd op het slagveld. Door hun rode mantels kregen ze al spoedig bijnamen zoals de Duitse bijnaam Rotmäntler. De Pandoeren hadden verschillende wapens die bestonden uit musketten en pistolen en daarnaast blanke wapens zoals oosterse kromzwaarden en jatagan messen. Langzamerhand werden de Pandoeren steeds wreder ook tegen hun eigen burgerbevolking. Dit zorgde er voor dat verschillende Panoeren voor de krijgsraad werden gedaagd. Ook Franz Freiherr von der Trenck kwam voor de krijgsraad maar kreeg gratie van Maria Theresia.