Museum Kalavrita Griekenland

afbeelding van Rende van de Kamp

In het noorden van de Peloponnesos, het grote Griekse schiereiland, ligt de kleine plaats Kalavrita (of Kalavryta). Vanaf de kust kun je het best het smalspoortreintje nemen. Met een snelheid niet groter dan 30 km/uur raast het treintje door bergpassen, door bossen en langs de diepe kloof waar ver beneden een riviertje probeert de zee te bereiken. Vroeger was dit, naast voetpaden door de bergen, de enige verbinding met de kust.
In de Tweede Wereldoorlog was het (bijna) ondoordringbare gebied rondom Kalavrita een toevluchtsoord van partizanen. Vanuit deze bergen werden operaties uitgevoerd tegen de bezetters van Griekenland. Italianen, Duitsers en Bulgaren moesten het ontgelden. Altijd al was de bevolking van dit gebied wat tegendraads en opstandig. En natuurlijk was het in de Tweede Wereldoorlog niet anders.
Om de partizanen te bestrijden zetten de Duitsers bergtroepen in. Geen SS'ers dus, maar eenheden waarin vooral ook veel Oostenrijkers dienden.
Tijdens een Duitse operatie tegen de partizanen werd bijna een hele compagnie van de Wehrmacht gevangen genomen door de partizanen. Ongekend. Ook ongekend is dat er onderhandelingen werden gevoerd om deze gijzelaars vrij te krijgen. Tijdens deze onderhandelingen werd door de Duitsers een school gebombardeerd waarin zij de top van de partizanen vermoedden. Uit woede hierover werden alle gevangen Duitsers door de partizanen gedood. De Duitsers zonden nu verschillende kolonnes het gebied in. Op hun weg door het gebied werden overal op het land en in de dorpen mensen vermoord. Boeren, dorpsbewoners en pelgrims.
Bij het dorp Kalavrita gekomen werden alle bewoners uit hun huizen gehaald en gescheiden. Alle mannen van 13 jaar en ouder werden meegenomen vlak buiten het dorp en doodgeschoten.
In totaal werden uit wraak een paar duizend mannen en jongens gefusilleerd. Het zal de partizanen niet hebben ontmoedigd.
In het museum vlak tegenover het stationnetje is te zien hoe het eraan toegegaan is. Welke Duitse eenheden betrokken waren bij het bloedbad en wie de commandant was. Vlak buiten het dorp, op de plaats van de executies, is een groot monument om de doden te gedenken.
Wie later door het plaatsje loopt ziet overal bustes staan van besnorde lieden. Dit waren de leiders van de opstand tegen de Turken in 1822, want, zoals eerder gezegd, de bevolking van dit gebied was altijd al opstandig en tegendraads.
Wat het museum niet vertelt is dat ook na de Tweede Wereldoorlog nog hard werd gevochten in dit gebied. De partizanen uit de bergen vochten dit keer tegen de eigen regering.
Ik zei het al: de bevolking hier was altijd al tegendraads en opstandig.