Militaire rangen van het Belgische leger

afbeelding van P Geertsma

Het Belgische leger heeft een bepaalde opbouw in rangen die voor een groot deel overeenkomen met de Nederlandse militaire rangen. De landcomponent: dit is de Belgische landmacht en het luchtcomponent dit is de Belgische luchtmacht gebruiken de volgende rangen. Bij de rangen worden de afkortingen genoemd die bij de rang horen:


generaal (gen.)
luitenant-generaal (lt.-gen.)
generaal-majoor (gen.-maj.)
brigade-generaal (bde.-gen.)
kolonel (kol.)
luitenant-kolonel (lt.-kol.)
majoor (maj.)
kapitein-commandant (kapt.-cdt.)
kapitein (kapt.)
luitenant (lt.)
onderluitenant (olt.)
adjudant-majoor (adj.-maj.)
adjudant-chef (adj.-chef)
adjudant (adj.)
eerste sergeant-majoor (1e sgt.-maj.)
eerste sergeant-chef (1e sgt.-chef)
eerste sergeant (1e sgt.)
sergeant (sgt.)
eerste korporaal-chef (1e kpl.-chef)
korporaal-chef (kpl.-chef)
korporaal (kpl.)
eerste soldaat (1e sdt.)
soldaat (sdt.)

Men begint onder aan de ladder met de soldatenfunctie. Wanneer iemand echter de officiersopleiding heeft gevolgd kan men ook hoger instromen.