De functie officier binnen de krijgsmacht

afbeelding van P Geertsma

De functie officier kan zowel door een man als een vrouw worden vervuld binnen de krijgsmacht. Een officier heeft een verantwoordelijke functie en geeft vaak leiding aan een aantal ondergeschikten. Dit houd echter niet in de een officier alleen maar bezig is met het geven van bevelen. Een officier draagt er namelijk ook zorg voor dat het beleid goed wordt uitgevoerd en dat er tijdig op eventuele problemen wordt geanticipeerd. Een officier is vaak onderschikt aan andere leidinggevenden (ook officieren) en moet daardoor ook zelf bevelen uitvoeren en verantwoording afleggen over zijn of haar eigen handelen.

Er zijn een aantal belangrijke competenties en karaktereigenschappen waaraan je moet voldoen om een goede officier te worden. Zo moet je over goede leidinggevende capaciteiten beschikken daarnaast moet je ook taken kunnen delegeren aan ondergeschikten. Je moet flexibel zijn om te kunnen anticiperen op veranderingen binnen het beleid en de uitvoering daarvan. Stressbestendigheid is belangrijk omdat je soms moet presteren onder grote druk. Er zijn vaak mensenlevens gebonden aan het goed uitvoeren van een beleid. Wanneer problemen ontstaan is de officier vaak één van de eerste personen waar naar gekeken wordt. Door een goede kennis van je taken kun je echter goed voorbereid zijn op je functie. Leergierigheid is daarom ook belangrijk. Een officier werkt tussen en met mensen en zal een grote mensenkennis moeten hebben om zijn of haar functie uit te kunnen oefenen.

Zowel het Belgische leger als het Nederlandse leger heeft regelmatig behoefte aan nieuwe officieren. Deze volgen binnen de krijgsmacht een gedegen opleiding. Binnen het Nederlandse leger wordt deze opleiding gevolgd aan de Koninklijke Militaire Academie (afgekort met KMA).