Duitse generaal Beck in de Tweede Wereldoorlog

afbeelding van P Geertsma

De Duitse generaal Beck werd op 29 juni in 1880 geboren in de plaats Biebrich. Generaal Beck zijn volledige naam is Ludwig August Theodor Beck. Als jongeman nam Beck in 1898 dienst in het leger van Pruisen. Hij werd ingedeeld bij het 15de artillerieregiment. Al spoedig wist Beck carrière te maken. Hij volgde de militaire academie in Berlijn in de periode van 1908 tot 1911. In het jaar daarop kreeg Beck een functie bij de Generale staf. In 1914 brak de eerste grote wereldoorlog uit. Duitsland was omringd door vijanden en had behoefte aan een sterk leger met een kundige generale staf. Beck nam ook deel aan de Eerste Wereldoorlog. Hij werd ingedeeld aan het Westfront met als belangrijkste vijand de Franse legers. Na de Eerste Wereldoorlog kreeg Duitsland strenge richtlijnen opgelegd van de geallieerde legers. Zo mocht het Duitse leger niet meer een offensief leger worden en werden er beperkingen gesteld aan het aantal leden waaruit het Duitse leger maximaal mocht bestaan.

Het nieuwe Duitse leger werd de Reichswehr genoemd. Slechts een beperkt aantal militairen konden in dit nieuwe leger worden opgenomen en Beck was er een van. Hij nam dienst in de Reichswehr vanaf 1919. Een aantal jaren later werd hij benoemd tot de Chef van de Truppenamt. Dit gebeurde op 1 oktober 1933. Het Truppenamt was een soort Generale Staf van het Duitse leger. Al spoedig ontwikkelde het Duitse leger zich tot een offensief leger. Hierdoor schond ze de verdragen die Duitsland had gesloten met de geallieerden. De Reichswehr werd in 1935 veranderd in de Deutsche Wehrmacht. Beck werd benoemd tot chefstaf van de Generale staf van de Duitse landmacht. Langzamerhand werd duidelijk dat het Duitse leger onder de nazi’s een belangrijke bedreiging vormde van de vrede in Europa.

Adolf Hitler wilde het Duitse rijk weer groot maken en het Sudetenland in Tsjechoslowakije annexeren. Hij was bang dat de Fransen en Engelsen het land Tsjechoslowakije te hulp zouden komen en Duitsland smadelijk zouden verslaan. Om dit te voorkomen wilde Beck een ontslaggolf te weeg brengen onder het Duitse leger. Hierdoor zou Adolf Hitler volgens hem wel op andere gedachten komen. De Duitse generaal Walther von Brauchitsch werkte echter tegen. Hierdoor nam Beck in 1938 als enige ontslag bij het Duitse leger. Later nam hij echter wel weer dienst in het Duitse leger. Door de jaren die volgden kreeg Beck steeds meer militairen om zich heen verzameld die ook tegen de organisatie van de nazi’s waren. Beck wilde zelfs Hitler uit de weg laten ruimen om zodoende vrede te sluiten met de geallieerden. Er werden verschillende aanslagen voorbereid maar de meesten daarvan werden geannuleerd. Uiteindelijk pleegde Claus Schenk von Stauffenberg een bomaanslag op Adolf Hitler tijdens een bijeenkomst met generaals. Nadat Von Stauffenberg de bomaanslag had gepleegd bleek Hitler echter nog te leven. Friedrich Fromm, die eerst ook een samenzweerder tegen Hitler was, sloeg meedogenloos de andere samenzweerders in de boeien en liet een aantal van hen ter dood brengen om zodoende zijn eigen hachje te redden.
In het hoofdkwartier van aan de Bendlerstrasse in Berlijn werd ook Beck aangehouden. Hij moest volgens Fromm ook ter dood worden gebracht. Beck mocht echter er ook voor kiezen om zichzelf van het leven te beroven. Dit mislukte echter tot twee keer toe. Hij raakte zwaar gewond door de kogels die hij op zichzelf afvuurde maar stierf niet. Uiteindelijk schoot een Feldwebel van de Wehrmacht hem dood. Ludwig Beck stierf op 20 juli 1944. Na de oorlog werd in 1956 een Duitse kazerne in Sonthofen naar hem vernoemd. Deze kazerne draagt de naam Generaloberst-Beck-Kaserne.